World of Warcraft: Midnight opent met een verrassend slimme vondst. In de cinematic vecht Lady Liadrin zij aan zij met een elventeam dat je in eerste instantie niet herkent, tot duidelijk wordt dat die onbekenden eigenlijk de spelers zelf zijn. Zodra je de alpha start, val je precies dat gevecht binnen, midden in een aanval op de Sunwell. Het trekt je direct het verhaal in en geeft meteen het gevoel dat er iets wezenlijks op het spel staat. Vanaf dat moment begint een reis door een volledig heruitgegeven Quel’Thalas, een gebied dat aanvoelt alsof Blizzard het na jaren stilte opnieuw tot leven heeft gewekt.
Midnight is bovendien een bijzonder hoofdstuk binnen WoW omdat het een direct vervolg vormt op The War Within en het middenstuk is van een trilogie. Xal’atath, nu versterkt door de kracht van een Void Lord die ze dankzij onze fouten heeft kunnen verslinden, zet haar aanval in door het Licht zelf te doven en begint bij de Sunwell. De nieuwe Void-wezens die daarbij opduiken zijn dreigend en verrassend gevarieerd, wat het gevoel versterkt dat Azeroth een echte existentiële crisis doormaakt.
Na de eerste hectiek word je naar Silvermoon City gestuurd en dat voelt als thuiskomen in een stad die eindelijk heeft gekregen wat ze verdiende. Silvermoon oogt groter, bruisender en veel meer verweven met de rest van de wereld dan de oude Burning Crusade-versie. De Dead Scar bestaat niet meer en heeft plaatsgemaakt voor de Path of Dawn, een brede levensader die laat zien hoeveel wonden na al die jaren eindelijk zijn geheeld. Zelfs de Ghostlands zijn opgenomen in een hernieuwde, gloeiende Eversong Woods, waardoor de hele streek vertrouwd en toch verrassend fris aanvoelt.
Silvermoon dient nu voor een groot deel als neutrale uitvalsbasis voor de uitbreiding. Het gebied rond de Path of Dawn en het Sanctum of Light voelt als een combinatie van strategisch hoofdkwartier en elvenhoofdstad. De westkant die ooit bekendstond als de Ruins of Silvermoon is opnieuw opgebouwd en bevat nieuwe districten zoals Falconwing Square en de Thalassian University, een schitterende magische campus die ook dienstdoet als locatie voor een van de eerste delves. Zelfs Murder Row heeft een subtielere en modernere uitstraling gekregen. Toch blijft een deel van de stad exclusief voor de Horde, inclusief een zwevende Sunfury Spire die boven alles uittorent. Alliance-spelers mogen nog steeds even binnenkijken tot wachters hen snel duidelijk maken dat ze moeten vertrekken. Het geeft de eerste quests in de zone een interessante politieke spanning.
Ondertussen is Quel’Thalas niet alleen maar schoonheid. De heropleving van de Sunwell heeft overal Lightblooms veroorzaakt, plekken waar het Licht zo fel uit de aarde stroomt dat het bijna onheilspellend wordt. Het idee dat Licht net zo destructief kan zijn als de Void hangt al jaren in de lucht en Midnight lijkt eindelijk voluit in dat thema te duiken. De eerste delve, Collegiate Calamity in de universiteit, laat meteen zien hoe gevaarlijk een overvloed aan Licht werkelijk kan zijn. De delve is compact, sfeervol en mooi verweven met de omgeving doordat je vanaf balkons direct uitkijkt over Silvermoon zelf.
In plaats van de goedmoedige Brann Bronzebeard krijg je nu Valeera Sanguinar als metgezel. Haar koele assassin-houding geeft de delves een totaal andere toon. Minder avontuurlijke gezelligheid en meer gefluister in donkere gangen en scherpe messen die op het juiste moment tevoorschijn komen.
Midnight introduceert geen nieuwe klasse, maar wel een extra specialisatie voor Demon Hunters. De Devourer-speelstijl draait om Void-energie in plaats van demonische kracht en voelt alsof je een strakke scherprechter speelt die met ritme en precisie in en uit gevechten beweegt. De nadruk op mobiliteit, altijd al de grootste kracht van Demon Hunters, komt hierin prachtig naar voren.
De grootste vernieuwing is echter housing voor spelers. WoW speelde er al jaren mee, maar nu is het er eindelijk en veel uitgebreider dan verwacht. Je bouwt je huis van fundament tot inrichting op, van stijlen en kleuren tot muren en vloeren. In de huidige versie zijn meerlagige huizen nog wat onstabiel, maar de rest werkt opvallend goed. De Horde krijgt een prachtige woonwijk in Razorwind Shores met verschillende landschappen, terwijl de Alliance terechtkomt in Founder’s Point, dat minder afwisselend oogt en doet denken aan een sprookjesachtig bosgebied. Dat voelt wat oneerlijk verdeeld, al kan het nog groeien.
Veel content blijft nog gesloten, zoals Zul’Aman dat in de alpha nog hermetisch dicht zit. Toch weet Midnight binnen de eerste tien uur al indruk te maken. De zones zijn schitterend, de sfeer is krachtig en de nieuwe functies vooral housing voelen aan als logische en broodnodige evoluties voor een spel dat na twintig jaar weer duidelijk richting krijgt. Als dit slechts het middelste deel is van de Worldsoul Saga dan lijkt Blizzard iets groots in beweging te hebben gezet.


